Kerstverhaal

…En hier sta ik dan …

Boven, in het topje van de boom stond ik als een verlichte engel. Hoe ik daar gekomen was, is een vreemd verhaal:  Ik was al afgedankt en een beetje flemerig bedankt voor mijn rol als engel boven de kerststal in een nogal rumoerig huishouden. Tussen een heleboel kerstballen, vogeltjes en veelkleurige kerstboomhangers werd ik door de vrouw des huizes afgevoerd naar het kringloopcentrum.

                ‘Zo, opgeruimd staat netjes’, zei ze, terwijl ze de doos ferm op een pallet zwaaide.

Maandenlang lag ik in de donkerte en ik was allang vergeten dat ik nog bestond, tot het deksel van de doos werd gehaald en ik in een lawine belandde toen deze leeggeschud werd. Tussen gekleurde scherven kwam ik tot mijn positieven en ik keek in het vriendelijke gezicht van een oudere vrouw. Er verschenen duizend kleine rimpeltjes rond haar ogen toen ze me aandachtig bekeek.

                ‘Jij bent speciaal’, zei ze. ‘Je bent nog gaaf. Ik zie geen gebrokenheid aan je maar ik weet dat die ook van binnen kan zitten’, fluisterde ze. ‘Ik leg je bij de kerstversiering en zal elke dag komen kijken of je al gekozen bent.’

Ze hield woord: elke dag zag ik haar lieve gezicht en haar ogen straalden als sterren als ze me zag. Telkens als haar blik op me rustte, voelde ik me meer aanwezig in het bestaan. Het was alsof ik me door haar lieve gelaat, pas echt realiseerde wat het betekent om engel zijn. De aanwezigheid van deze vrouw, Lucia, wekte me weer tot leven. Zo gingen er dagen voorbij tot ik opgetild werd door een kleine kinderhand. Hij hoorde bij een meisje met blozende wangen en heldere ogen, dat me verrukt in zich opnam.

                ‘Engeltje wat ben je mooi!’ riep ze uit.

Ik bloosde en engelen gaan dan schitteren;  de engelenglow kwam over me.

‘mama, mag ik haar meenemen voor thuis?’

‘Nee, schat, we hebben al teveel spullen in huis. We moeten juist ont-spullen.’ 

‘Maar mama, ik wil het zo graag’ riep het kind naar haar moeder die resoluut naar de uitgang beende. Lucia, die het tafereel vanaf een afstandje had gevolgd, drukte het meisje vijftig eurocent in haar hand. ‘

‘Niks tegen mama zeggen, hiermee kun je het engeltje betalen. Ga maar gauw naar de kassa.’

Nu werden de blosjes van het meisje nog roder en ze stamelde:

‘Dank u wel. Dit wordt onze kerstengel. Ik ga haar inpakken voor mama.’

Lucia keek naar me en zei:

‘Het is een prachtig geschenk. Ze brengt licht waar het donker is. Vanzelfsprekend was haar mama geroerd en ik zag dat het ook een beetje lichter om haar heen werd. Opgetild werd ik en nu ik hier hoog sta, op de top van de boom in dit warme huis, ben ik het licht zelve geworden; ik straal!

  Liefs, Monique, december 2021